Na de koudste januari in jaren en doorgaande kou in de 1e helft van februari heeft zich in de Botnische Golf en zelfs ook in de Finse Golf veel ijs gevormd. Begin februari was de ijsbedekking zelfs bijna een record voor de tijd van het jaar. Goed om er even bij stil te staan. Overigens wijzen de weersvooruitzichten eindelijk op een afname van de kou.
IJskaart 18 februari 2026, klik voor vergroting.
Legenda:
Wit = ijsvrij,
zeewater temperatuur
Licht paars = nieuw ijs <5cm
Paars = nieuw ijs >5cm
Lichtblauw = open water
omgeven door ijs
Geel = verspreid drijfijs
Oranje = dicht drijfijs
Rood = erg dicht of
compact drijfijs
Donkerrood = aaneen gevroren
drijfijs
Grijs = vast ijs
Bron:
https://cdn.fmi.fi/marine-observations/products/ice-charts/latest-full-color-ice-chart.pdf?cache=5904768
Twee keer zoveel ijs
Vergelijken we de totale ijsbedekking met die van de afgelopen jaren, dan is het verschil groot. Het seizoen begon, na een zachte december, nog met relatief weinig ijs. In januari werd het kouder, en vooral in de afgelopen 4 weken is de ijsbedekking flink toegenomen. Er ligt bijna 2x zo veel ijs als vorig jaar (https://en.ilmatieteenlaitos.fi/ice-conditions). Meestal neemt de ijsbedekking tot begin maart nog iets toe, maar het koudste weer lijkt nu toch voorbij (zie hierna).

Het langdurig koude weer zien we ook terug in de afwijking van de zeewatertemperatuur. Grote delen van de Atlantische Oceaan en de Noordelijke IJszee zijn relatief warm, en ook de Middellandse Zee is warm. Maar de oostelijke Noordzee, de Oostzee en de Botnische Golf zijn duidelijk te koud.

Europa een koude uitzondering
In onderstaande figuur zien we de gemiddelde temperatuurafwijking in januari 2026, links voor de wereld en rechts voor Europa (https://climate.copernicus.eu/surface-air-temperature-january-2026).
Het is duidelijk dat Europa (en Siberië) een koude uitzondering vormt. Een groot deel van de wereld was in januari gewoon te warm. Het centrum van de kou zat in Lapland en ook in Belarus. Het noorden van Oekraïne was helaas ook erg koud.

Blokkade maakt plaats voor weststroming
Juist vandaag begint de circulatie te veranderen. De langdurige blokkade in Noord-Europa is al bijna verdwenen, en we schakelen over op een actieve westcirculatie (voor kenners: een NAO+ weerregime) waarin lagedrukgebieden een veel noordelijker koers volgen, bijvoorbeeld van Schotland naar Noorwegen. In centraal en oost Europa wordt het zacht, en ook in noord Europa neemt de kou af.
Hieronder zien we de verwachte gemiddelde afwijking voor de luchtdruk (links) en die voor de temperatuur (rechts) voor volgende week, dat is voor de periode van 23 februari – 1 maart (ECMWF Open Charts). Boven de Britse Eilanden is de luchtdruk volgende week veel lager dan gemiddeld, dat betekent voor Europa een sterke voorkeur voor een ZW-stroming. Behalve zeer zacht is het daarom in west en centraal Europa ook (erg) nat. In centraal Europa kunnen al enkele lentedagen (middagtemperatuur 15 graden of hoger) voorkomen! De ergste kou is ook in Oekraïne voorbij.
Omdat de Oostzee nog zo koud is, en de Baltische Zee veel ijs bevat, zal het in de kustgebieden van de Oostzee nog wel relatief koel zijn. Wanneer zachtere Atlantische lucht deze bereikt is er ook grote kans op mist en lage bewolking. Het dikke sneeuwpakket in Lapland en het ijs houden de kou daar nog een week langer vast. De koude anomalie in Lapland zou naar verwachting na volgende week ook moeten afnemen.




