Valt er begin januari sneeuw?

Aan de oostflank van een blokkerende rug van hogedruk van Groenland naar Ierland, en een zich ontwikkelende depressie die boven Zuid Zweden terecht komt, stroomt een flinke portie arctische lucht naar het zuiden. Op de Noordzee ontstaan daarin winterse buien, maar wordt de aangevoerde lucht zo koud dat het tot sneeuwbuien komt? En blijft die sneeuw dan liggen?

ECMWF hoogtekaarten, bron meteo.uni-bonn.de

Vuistregels voor sneeuwbuien

Bij aanvoer over de altijd nog relatief warme Noordzee zijn er enkele vuistregels die je kunt toepassen om de kans op serieuze sneeuw te bepalen. Deze vuistregels gaan uit van een terreinhoogte lager dan 400m en maken alle gebruik van de bovenluchttemperaturen. Aan hoe meer voorwaarden wordt voldaan, des te groter is de sneeuwkans. We lopen ze even langs:
– T500 (de temperatuur op 500 hPa) is -38 graden of lager, er is boven open water sprake van diepe convectie en aan de kust is ook kans op onweer en hagel;
– T700 (de temperatuur op 700 hPa) is -18 graden of lager, bij een T700 van -14 graden zien we wel al winterse (korrel)hagel maar vaak nog geen sneeuw;
– T850 (de temperatuur op 850 hPa) is -8 graden of lager;
– de dikte 1000-500hPa, een maat voor de gemiddelde temperatuur in de onderste 5km, is 528 hPa of lager;
– de vorstgrens in de vrije atmosfeer (dus boven een eventuele koude plaklaag) ligt op 400m of lager, bij actieve buien kan de smeltlaag zich dan tot aan de grond uitbreiden.

Direct aan de kust kan de T2m (temperatuur nabij het aardoppervlak) onder bovengenoemde omstandigheden nog best +4 graden zijn, de “sneeuw” zien we dan hooguit als (klets)natte sneeuw.
Bij aanvoer vanaf land, bijvoorbeeld bij oostenwind, kan het ook bij minder koude bovenlucht tot sneeuw komen. Dan is vooral de vorstgrens van belang, en mag zich daarboven op grotere hoogte geen warme luchtlaag (>0) bevinden.

De basisvoorwaarde is natuurlijk wel dat er buien gevormd worden. Wanneer de aanvoer van koude lucht anticylonaal is, zullen er ook boven zee weinig buien ontstaan. Wanneer de aanvoer erg droog is, bijvoorbeeld via de Noorse bergen, zien we ook niet snel actieve sneeuwbuien. En als de aanvoer te zwak is, trekken de buien niet ver het (koude) binnenland in zodat men in het oosten en zuiden helemaal geen sneeuw ziet.

Vooruitzichten voor begin januari 2026

Het nieuwe jaar toont duidelijk weerkaarten met een aanvoer van flink koude lucht via de Noordzee, die na het vele zachte weer tot aan Kerst nog best warm is met een zeewatertemperatuur van +8 graden.
Aan veel van de criteria hierboven wordt voldaan. Er komen dus zéker actieve winterse buien. De grootste kans op sneeuw is er bij diepe (zware) winterse buien, dus bij de koudste bovenlucht. Meteociel toont tegenwoordig mooie diagrammen waarin we zowel T850, T500 en neerslag kunnen zien. Het is duidelijk dat op het moment van de koudste bovenlucht (-36 tot -39 op 500 hPa, van vrijdag 2 t/m zondag 4 januari) de T850 nog net aan de warme kant is met -7. Alleen de actiefste buien zullen dus sneeuw geven die zou kunnen blijven liggen.

Ensemble diagram voor ECMWF, run 30 dec 00z, bron Meteociel.

De kans op >1 cm sneeuw in 6 uur (mits alle sneeuw blijft liggen – dat is boven zee en direct langs de kust natuurlijk niet het geval) ziet er voor zaterdag zo uit. Een hele trein van sneeuwbuien ligt zaterdag 3 januari parallel aan de NW-stroming langs de Engelse oostkust in de richting van Midden Nederland.

ECMWF Open Charts, kans op >1mm waterequivalent aan sneeuw voor 3 jan 2026 00-06z

Ook zondag is dat nog het geval. De grootste kans op een serieus sneeuwdek is er dus, volgens deze verwachting, in Midden Nederland. Daarboven doen hoogteverschillen er ook toe. De Veluwe is met 50-100m +NAP Net wat hoger en daar zal sneeuw eerder blijven liggen dan in lager terrein. We gaan het zien!

Kans op een Polar low

Er is trouwens nóg iets wat kan gebeuren. Bij een zeer krachtige convectie boven zee kunnen winterse buien zich clusteren tot een soort kleine tropische storm, en zo’n storing in de diep-arctische lucht heet een polar low, zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Polar_low. Wanneer zich een polar low vormt, en deze trekt precies langs de lengte-as van de Noordzee naar de Nederlandse kust, dan ontstaat aan de landzijde van het polar low een intensief sneeuwgebied, terwijl het aan de zeezijde hard waait met zware winterse buien en onweer. Hét voorbeeld van zo’n actief polar was er op 2 januari 1979, een dag om nooit te vergeten (zie bijvoorbeeld het verhaal van Reinout van den Born).

ECMWF berekening voor 6 jan 06z (bron: WXcharts).

In de hoofdrun van het ECMWF van 30 december zien we toevallig twee van die kleine poollaagjes op de Noordzee op dinsdag 6 januari. Waait de wind voorafgaand aan zo’n laagje uit het westen, dan vriest het ook in de nachten haast niet; volgt er een heldere stille nacht boven een vers sneeuwdek dan wordt het zomaar -10. Ook hiervoor geldt: afwachten maar!

Valt er begin januari sneeuw?

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Schuiven naar boven